Project Melklab 2.0

De meerwaarde van natuurinclusieve melk vraagt om een ketengerichte aanpak met een duurzame manier van werken bij boeren en anderzijds om een aanpak bij de verwerker t.a.v. ontwikkelen zuivelproducten waarin meerwaarde tot uiting komt in een hogere kwaliteit, georganiseerd in aparte melkstromen en verwaarding. Het project Natuurlijk Melken 2050 is opgestart met een afstudeeronderzoek over de relatie tussen kwaliteit van melk en natuurinclusiviteit, wat in 2017 is afgerond. Hierin is de relatie tussen het (gras)landgebruik en de melksamenstelling nagegaan. Hieruit blijkt dat de resultaten veelbelovend zijn voor met name natuurinclusieve bedrijven met veel weidegang, eventueel in additie met de actieve toepassing van kruiden in het rantsoen van de melkkoeien. De vetzuursamenstelling lijkt hier gunstiger (gezonder), het gemiddelde aantal mineralen en vitaminen lijkt hoger en de smaak lijkt goed.

Het volgende is nodig om het vooronderzoek verder te onderbouwen:
• vervolgonderzoek op bredere schaal voor verdere onderbouwing
• (met boeren) ontwikkelen van concrete handvatten, waarmee op het primaire melkveebedrijf belangrijke managementfactoren te beïnvloeden zijn, zodanig dat er een zo optimaal mogelijk zuivelproduct geproduceerd kan worden. Het volgen van deze handvatten kan verwerkers een zekere garantie geven op het realiseren van betere kwaliteiten
• (met verwerkers) de ontwikkelde methode voor boeren omzetten naar beleid van de verwerker (voor boeren) plus vertalen naar productontwikkeling binnen specifieke korte ketens met bestaande (De Fryske, De Tjonger, Weide Weelde) en mogelijk nieuwe zuivelproducten.

Met Melklab 2 (projectperiode april 2019 t/m december 2021) worden deze vervolgonderzoeken ingezet.

Het project levert op:
• Inzicht in bepalende factoren op het melkveebedrijf, gelinkt aan natuurinclusieve bedrijfsvoering (aandeel grasgevoerd, kruidenrijkheid rantsoen, gevoerd natuur-hooi) en in welke mate deze eigenschappen van melk beïnvloeden (vitaminen-, mineralen-, vetzuursamenstelling, smaak)
• Ontwikkeling van een Melkkompas, waarin verwerkt is hoe factoren invloed hebben en te beïnvloeden zijn. De ontwikkeling is interactief met melkveehouders, zodat een praktische tool ontwikkeld wordt met richtlijnen voor melkveehouders hoe melk geproduceerd kan worden
• Inzicht op welke wijze positieve eigenschappen optimaal bewaard kunnen blijven in het eindproduct en benut kunnen worden bij de vermarkting van het product en welke claims gemaakt kunnen worden.

Projectpartners zijn:
NoorderlandMelk, de Fryske, CZ Rouveen, Living Lab Friesland, Aeres Hogeschool, 20 melkveehouders.